De bemiddelaar neemt contact op met
het slachtoffer, met de minderjarige dader, zijn ouders en zijn advocaat.
Wanneer beide partijen geïnteresseerd zijn, start de bemiddeling op.
In een eerste gesprek, met elke partij afzonderlijk, wordt er geluisterd
naar de ervaringen en worden de mogelijkheden tot herstel bekeken.
Indien wenselijk kan er een gezamenlijk gesprek georganiseerd worden,
zodat een rechtstreekse communicatie tussen slachtoffer en dader mogelijk
wordt. Elke partij kan zich laten bijstaan door een advocaat.
Doorheen de gesprekken wordt er geleidelijk gewerkt aan een voor iedereen
aanvaardbare oplossing.
Als de partijen tot een akkoord komen dan wordt daarvan een schriftelijke
overeenkomst opgemaakt. Deze is pas rechtsgeldig nadat de advocaat van
de minderjarige de overeenkomst heeft nagelezen en de ouders mee ondertekend
hebben.
De overeenkomst wordt ter kennis gebracht van de opdrachtgever: de jeugdrechter
of de procureur. Deze wordt ook verwittigd wanneer er geen akkoord kan worden bereikt.